De procedure om een arbeidsvergunning voor een buitenlandse werknemer te verkrijgen, verloopt in duidelijk omschreven stappen. De eerste stap komt toe aan de Marokkaanse werkgever, die vóór elke aanwerving van een buitenlander een aanvraag bij ANAPEC moet indienen. Die aanvraag bevat een gedetailleerde vacature, het gezochte profiel en de verantwoording voor het beroep op buitenlandse arbeidskrachten. ANAPEC beschikt vervolgens over een reglementaire termijn om de arbeidsmarkttoets uit te voeren, dat wil zeggen na te gaan of de functie door een kandidaat met de Marokkaanse nationaliteit kan worden ingevuld.
Levert ANAPEC een attest af waarin wordt bevestigd dat geen overeenstemmend Marokkaans profiel beschikbaar is, dan kan de werkgever het dossier samenstellen voor de aanvraag van het visum op de buitenlandse arbeidsovereenkomst. Dat dossier, ingediend bij de directie werkgelegenheid, bevat de buitenlandse arbeidsovereenkomst in meerdere exemplaren, het ANAPEC-attest, eensluidend verklaarde kopieën van de diploma's van de buitenlandse werknemer (voorzien van een apostille of gelegaliseerd naargelang het land van herkomst), een medisch attest, een uittreksel uit het strafregister, pasfoto's en de bewijsstukken van de onderneming (handelsregister, CNSS-attest, fiscaal attest). De behandelingstermijn bedraagt in de praktijk twee tot vier weken, al is die niet formeel bij tekst geregeld.
Zodra de arbeidsovereenkomst van een visum is voorzien door de directie werkgelegenheid, kan de buitenlandse werknemer zijn inreisvisum voor Marokko aanvragen bij het Marokkaanse consulaat in zijn land van verblijf, op voorlegging van de overeenkomst met visum. Bij aankomst in Marokko moet hij zich binnen drie maanden aanmelden bij de algemene directie van de nationale veiligheid (DGSN) om zijn inschrijvingskaart te verkrijgen. Het niet naleven van die termijn stelt de buitenlander bloot aan administratieve en zelfs strafrechtelijke sancties.
Er bestaan gevallen van vrijstelling van de ANAPEC-toets. Echtgenoten van Marokkaanse onderdanen, houders van de verblijfskaart van tien jaar, onderdanen van landen waarmee een wederkerigheidsverdrag is gesloten, en onder bepaalde voorwaarden leidinggevende kaderleden van vennootschappen kunnen van die stap worden vrijgesteld. Ook overplaatsingen binnen een groep verlopen vaak vlotter wanneer een multinationale onderneming een werknemer naar haar Marokkaanse dochteronderneming detacheert, mits de bewijsstukken van de kapitaalband tussen de entiteiten worden voorgelegd.